Van zes maanden cel naar één dag: vrijspraak van (poging) zware mishandeling

Cliënt werd ervan beschuldigd dat hij tijdens een vechtpartij opzettelijk zwaar lichamelijk letsel had toegebracht. De politierechter in Almelo veroordeelde hem in oktober 2025 tot zes maanden gevangenisstraf en wees de volledige schadevergoeding van de benadeelde partij toe.

In hoger beroep kwam het hof tot een ander oordeel. Het sprak cliënt vrij van (poging) zware mishandeling. Het hof achtte niet bewezen dat hij bewust de aanmerkelijke kans op zwaar letsel had aanvaard. Wat overbleef was een mishandeling. 

Bij de straf speelde het taakstrafverbod een rol, omdat cliënt eerder was veroordeeld. Daardoor lag een zuivere taakstraf niet voor de hand. Het hof legde een gevangenisstraf van 90 dagen op, waarvan 89 dagen voorwaardelijk, gecombineerd met een taakstraf van 150 uur. Onvoorwaardelijk blijft dus één dag over, tegenover de zes maanden in eerste aanleg. Het hof woog onder meer mee dat cliënt jong is, direct spijt betuigde en zijn leven positief had omgebogen, met een vaste baan die bij een langere gevangenisstraf in gevaar kwam.

Ook de schadevergoeding viel veel lager uit. De politierechter had € 14.051,39 volledig toegewezen. Het hof wees € 8.820,58 toe en verwees de rest naar de burgerlijke rechter.

Een sterk resultaat van mr. Dilara Karademir, die de zaak bepleitte, samen voorbereid met mr. drs. Roy van der Wal.

Van der Wal Strafrechtadvocaten treedt op in strafzaken door heel Nederland. Heeft u vragen over uw rechtspositie? Neem gerust contact op.